Reputatieschade ligt direct op de loer zodra er meldingen worden gedaan van grensoverschrijdend gedrag. Dit kan zich op de werkvloer uiten in verschillende vormen, zoals pesten, discriminatie, agressie of (seksuele) intimidatie. Juridisch valt dit onder psychosociale arbeidsbelasting (PSA), zoals vastgelegd in de Arbowet. Op grond van artikel 3 Arbowet en het beginsel van goed werkgeverschap (artikel 7:611 BW) zijn werkgevers verplicht een werkomgeving te creëren waarin PSA zoveel mogelijk wordt voorkomen. In de praktijk blijkt deze verplichting echter nog regelmatig onvoldoende te worden ingevuld.
Een melding staat zelden op zichzelf. Vaak is zij slechts het topje van de ijsberg en wijst zij op een onderliggende onveilige organisatiecultuur. Organisatorisch is een melding daarom altijd een alarmsignaal. Wat begint als een individueel incident, kan uitgroeien tot een risico voor de gehele onderneming, met mogelijke reputatieschade tot gevolg.
Non-actiefstelling
Na een melding rijst vaak de vraag of de beklaagde op non-actief moet worden gesteld. Hoewel dit soms noodzakelijk is, kan deze maatregel op zichzelf al reputatieschade veroorzaken, nog voordat een onderzoek is gestart. Zeker wanneer het een leidinggevende betreft, kan dit intern het vertrouwen schaden en extern invloed hebben op hoe klanten, zakenpartners en potentiële werknemers naar de organisatie kijken.
Gevolgen voor de onderneming
Eén melding kan verstrekkende gevolgen hebben. Zowel de melder als de beklaagde kan uitvallen, waardoor verzuimkosten ontstaan. De jaarlijkse kosten van PSA-gerelateerd verzuim voor Nederlandse bedrijven worden geschat op circa € 1,7 miljard. Daarnaast vergen meldingen veel tijd en middelen van HR en management en is regelmatig externe ondersteuning nodig. Escalatie kan leiden tot kostbare juridische procedures of schadevergoedingen. Ontbreekt adequaat PSA-beleid, dan kan ook de Nederlandse Arbeidsinspectie ingrijpen met toezicht of sancties.
Reputatieschade
Reputatie is een essentiële pijler onder een gezonde onderneming. Schade daaraan werkt vaak langdurig door. Intern raakt reputatieschade vooral het vertrouwen in het management en het gevoel van veiligheid op de werkvloer. In een angstcultuur durven medewerkers zich niet uit te spreken, waardoor misstanden langer voortduren en de uiteindelijke schade groter wordt.
Extern kan reputatieschade zich razendsnel verspreiden via (sociale) media. Dit kan leiden tot verlies van opdrachten, uitstroom van personeel, meer klachten, een verslechterde onderhandelingspositie, productiviteitsverlies, druk op bestuurders en een negatieve ESG-impact, met name op het sociale vlak.
Kortom: de werkelijke prijs van een melding van grensoverschrijdend gedrag reikt veel verder dan het individuele dossier. Zij raakt direct aan de continuïteit en reputatie van de onderneming. Investeren in helder PSA-beleid, vertrouwen binnen de organisatie en duidelijke gedragsnormen is daarom essentieel om risico's te beperken en reputatieschade te voorkomen
Meer informatie
Twijfel je hoe te handelen bij een melding van grensoverschrijdend gedrag? Neem contact op met één van onze specialisten.